Waarmee kunnen we u helpen?

-

Wat is de maximale betaaltermijn die leverancier en afnemer contractueel overeen kunnen komen?

Een betaaltermijn van 75, 90 of zelfs 120 dagen? Voor 1 juli 2017 was dit eerder regel dan uitzondering in contracten tussen het grootbedrijf en leveranciers in het MKB. Dit resulteerde niet alleen in betalingsachterstanden in het nadeel van de kleinere contractspartij, maar zorgde ook voor schade aan de economie en langere betaaltermijnen tussen leveranciers onderling. Zogezegd voor 1 juli 2017, want op die datum trad de Wet uiterste betaaltermijn van 60 dagen voor grote ondernemingen in werking. Een aanzienlijke verandering met betrekking tot contractueel overeengekomen betalingstermijnen in Business-to-Business (B2B)-relaties.  

Wettelijke regeling voor 1 juli 2017

In een poging om de betalingsachterstanden in B2B-verhoudingen te bestrijden, werd medio 2002 op aandringen van de Europese wetgever de wettelijke handelsrente in het Nederlandse Burgerlijk Wetboek neergelegd. Artikel 6:119a Burgerlijk Wetboek bepaalde dat indien er geen betaaltermijn tussen partijen was overeengekomen, er na 30 dagen een hoog wettelijk rentepercentage in werking zou treden. De overeen te komen betaaltermijn stond echter ter vrije bepaling van partijen. Werd er een uitdrukkelijk langere termijn van betaling in de overeenkomst opgenomen en was deze niet ‘kennelijk onbillijk’ ten opzichte van de leverancier, dan kon een dergelijke termijn zelfs uitkomen boven de 60 dagen.

De praktijk voor 1 juli 2017

Er ontspon zich dan ook een praktijk waarin de (veelal) kleinere leverancier – mede door het grote verschil in onderhandelingspositie – zich vaak gedwongen voelde om mee te gaan in de door het grootbedrijf voorgestelde betalingstermijn van meer dan 60 dagen. Bepaalde grootbedrijven hanteerden zelfs structureel betalingstermijnen van 90 dagen of meer. Als gevolg van deze gang van zaken kwam de liquiditeitspositie van de MKB-ondernemingen onder druk te staan en hadden deze ondernemingen als gevolg van de late betalingen moeite om een sterke financiële positie op te bouwen, terwijl de grootafnemers juist een cashflowvoordeel genoten. Kortom: (zeer) nadelige effecten voor (vooral) MKB-leveranciers.

Wettelijke regeling na 1 juli 2017

Sinds 1 juli 2017 is er een bepaling toegevoegd aan artikel 6:119a Burgerlijk Wetboek, te weten lid 6. Als uitwerking van de Europese Richtlijn late betalingen (Richtlijn 2011/7/EU), regelt deze toevoeging dat partijen geen betaaltermijnen van meer dan 60 dagen kunnen afspreken indien de afnemer een grote onderneming is en de leverancier dit niet is. De grote onderneming mag ten gunste van zichzelf dus geen betaaltermijn meer afspreken van boven de 60 dagen. Zodoende blijven de ongunstige effecten van een lange betaaltermijn de MKB-ondernemers bespaard. Spreekt een grote onderneming toch een langere betaaltermijn af met een kleine leverancier, dan bepaalt lid 6 dat deze afspraak nietig is. Dit houdt in dat vanzelf de wettelijke betaaltermijn van 30 dagen in werking treedt met bijbehorende handelsrente (8 % in 2017).

Om te bepalen of er sprake is van een grote onderneming dient er aan twee van de volgende drie vereisten te zijn voldaan:

  • Meer dan EUR 20 miljoen balanswaarde;
  • Meer dan EUR 40 miljoen netto-omzet;
  • Het gemiddeld aantal werknemers over het boekjaar bedraagt meer dan 250.

Wat betekent dit concreet?

De concrete betekenis van deze wetswijziging kunnen we het best beschrijven aan de hand van twee praktijkvoorbeelden.

Voorbeeld I | klein MKB-bedrijf vs grootafnemer

Stel u bent een klein MKB-bedrijf t dat groenten en fruit levert aan diverse grootafnemers. Op 15 juli 2017 komt u in contact met een nieuwe klant, een grootafnemer, en besluit u met dit grootbedrijf een overeenkomst aan te gaan. Bij het opstellen van het contract eist dit grootbedrijf een betalingstermijn van 120 dagen.

Nu u bent gekwalificeerd als (kleine) MKB-onderneming kunt u in een dergelijk geval twee dingen doen: u kan weigeren de overeenkomst te tekenen of u kan de overeenkomst tekenen. In het laatste geval bepaalt artikel 6:119a lid 6 Burgerlijk Wetboek dat de afgesproken betalingstermijn nietig is, oftewel deze afspraak heeft nooit bestaan. Nu er geen sprake is van een bestaande betaaltermijn, valt men terug op de wettelijke betaaltermijn van 30 dagen. Dit brengt mee dat wanneer de grote onderneming uitgaat van een betaaltermijn van 120 dagen, deze onderneming op dat moment al een wettelijke handelsrente (8 % in 2017) is verschuldigd voor een periode van 90 dagen. U hoeft als kleine ondernemer dus niet meer aan te tonen dat de overschrijding van de betaaltermijn van 60 dagen ‘kennelijk onbillijk’ is.

Voorbeeld 2 | grootafnemer vs kleinere leverancier

U, een grootafnemer van kantoorartikelen met meer dan EUR 40 miljoen netto-omzet en meer dan 250 werknemers, heeft op 4 mei 2016 een langlopend contract gesloten met een kleinere leverancier. In dit contract is, conform de oude wet, een niet ‘kennelijk onbillijke’ betalingstermijn van 90 dagen opgenomen.

In principe is het dus zo dat deze betalingstermijn geldig is. Echter is met ingang van 1 juli 2018 de Wet uiterste betaaltermijn van 60 dagen voor grote ondernemingen ook van toepassing op overeenkomsten die zijn gesloten voor 1 juli 2017. Dit maakt dat partijen die partij zijn bij lopende overeenkomsten een jaar de tijd hebben om eventueel overeengekomen betaaltermijnen van langer dan 60 dagen te verkorten tot maximaal 60 dagen. Doet u dit niet dan bent u, gelijk aan voorbeeld I, gehouden handelsrente (8 % in 2017) te betalen vanaf de wettelijke betaaltermijn van 30 dagen. In dit geval dus voor een periode van 60 dagen.

Maar, let op!

Sluit u als kleine onderneming een contract met een andere kleine onderneming? Gaat u als grote onderneming met een andere grote onderneming in zee? Of is de kleinere onderneming de afnemer en de grotere onderneming de leverancier? Dan geldt de nieuwe regeling niet. Wel is het zo dat termijnen langer dan 60 dagen in deze gevallen moeten voldoen aan het criterium van de ‘kennelijke onbillijkheid’.

Meer informatie & contact

Heeft u vragen over de in uw contract respectievelijk in uw algemene voorwaarden vastgelegde betalingstermijnen of bent u nieuwsgierig naar de kansen die deze nieuwe wet biedt? Neem dan eens contact op met mr. A.G.J. (Adriaan) van Rinsum. Hij helpt u graag verder.

 

Auteur: mr. A.G.J. (Adriaan) van Rinsum
Email: avanrinsum@benthemgratama.nl
Tel: 038-4280077

 

U gebruikt een verouderde browser van Internet Explorer die niet meer wordt ondersteund. Voor optimale prestaties raden wij u aan om een nieuwere browser te downloaden. Hiervoor verwijzen wij u door naar:

browsehappy.com sluiten